Het verlangen wild te zijn

Het verlangen wild te zijn

  • Oktober, oktober
  • Katya Balen
  • Illustrator: Angela Harding
  • Vertaler: Aleid van Eekelen-Benders
  • Uitgever: Luitingh-Sijthoff
  • Jaar: 2026
  • Aantal blz.: 202

Oktober, oktober is een indrukwekkend boek van Katya Balen over de kracht van de natuur en de verbeelding.

‘Wij wonen in het bos en wij zijn wild.’ Voor Oktober is dat het enige dat ertoe doet. Het bos (de natuur) is haar wereld. Daar kan ze schatten zoeken, verhalen bedenken, avonturen beleven en dus wild zijn. Ze woont met haar vader in het bos en ziet zelden andere mensen. Precies zoals ze het wil. Want Oktobers lievelingswoord is woud-eenzaamheid: ’het gevoel in je eentje in het bos te zijn en kalm en gelukkig en veilig te zijn.’

Haar moeder kon niet tegen zo’n natuurbestaan en keerde jaren geleden terug naar Londen. Telkens als ‘de vrouw die mijn moeder is’ hen bezoekt, verstopt Oktober zich in een boom. Ze moet niets van haar en het stadsleven hebben. Maar zoals het in verhalen gaat, lopen de dingen anders. Nadat haar vader door Oktobers toedoen een ongeluk krijgt, moet ze noodgedwongen bij haar moeder wonen.

En daarmee creëert de Londense schrijfster Katya Balen in haar verhaal een mooi spanningsveld. Tussen natuur en cultuur. Tussen Oktobers woede en haar angst. Tussen verzet en overgave. Tussen woud-eenzaamheid en je verbinden met andere mensen. Balen beschrijft Oktober en haar strijd en groei in prachtige taal, al even prachtig vertaald door Aleid van Eekelen-Benders. Oktobers gedachten en gevoelens zijn intens en de taal is dat ook. Soms vind je als lezer de hoofdpersoon ronduit onuitstaanbaar - als ze weer eens haar moeder negeert en dwarszit - dan weer wil je haar weer omarmen.
Indrukwekkend weet Balen de magische manier van denken van haar hoofdpersoon in woorden te vangen. Zo is Oktober bang dat haar vader haar niet meer wil en doet ze alles om hem met een mooi verhaal weer voor zich te winnen:  

‘Het moet een nieuw verhaal worden. Het moet het schitterendste brouwsel van allemaal worden. Precies het goede mengsel. Eentje dat hem herinnert aan de rook en de bladeren en het bos en ons leven. Het moet perfect worden zodat hij me vergeeft en me weer bij zich wil hebben en zodat hij weer weet hoe perfect het was, alleen hij en ik.’

Mooi is ook hoe Balen als een spiegelend lint het verhaal van een jong uiltje door het boek weeft. Elk hoofdstuk opent met een illustratie van een uil die steeds groter wordt. In het eerste hoofdstuk begraven Oktober en haar vader een uilenmoeder. Later keert Oktober terug naar het baby-uiltje en verzorgt ze hem stiekem in haar hut. Ze noemt hem Stig, naar de wilde oermens uit de kinderboekklassieker Stig of the dump. Ze neemt Stig ook mee naar Londen, maar haar moeder brengt hem naar een uilenopvang. Daar kan Oktober hem bezoeken, maar uiteindelijk leert ze afstand nemen, opdat de uil weer wild kan worden en uitvliegen. Aan het eind van het boek heeft Oktober zelf ook een manier gevonden om uit te vliegen en zichzelf te zijn, waar ze ook is: ‘Ik ben wild in het bos en wild in de stad (…) De lijnen van mijn leven krabbelen over de randen van die magische plekken en die hebben allebei iets schitterends. (…) Er zijn overal verhalen en ik wil ze allemaal vertellen.’   

Oktober, Oktober won in Engeland de nodige prijzen, waaronder de prestigieuze YoTo Carnegie Medal.  Het kan niet anders of ze valt ook bij ons in de prijzen.